di. jul 23rd, 2024

In de winter ondervindt je auto extra uitdagingen. Je kan te maken krijgen met bevroren portieren en deursloten, een vastgevroren handrem, of een plotseling uitvallende accu. Natuurlijk wil je deze ongemakken liever vermijden. Gelukkig zijn de meeste problemen eenvoudig te voorkomen. Met de volgende 10 tips van de Wegenwacht maak je jouw auto helemaal winterbestendig.

1. Deurrubbers insmeren

Maak de rubbers van de deuren goed schoon en smeer ze in. Dit kan met een speciale rubberstick, maar talkpoeder helpt ook al. Op die manier voorkom je dat je deuren vastvriezen.

2. Behandel sloten

Door het slot van je auto te behandelen met een vochtafdrijvend middel, zoals kruipolie, voorkom je een bevroren slot. Vergeet daarbij niet de binnenkant van de deur, de zogenaamde slotvanger.

3. Gebruik antivries ruitensproeiervloeistof

Vul de ruitensproeiervloeistof bij met een antivriesvariant. Deze vloeistof is blauw en bevriest niet. De variant die je in de zomer gebruikt – dus zonder antivries – is roze van kleur (of soms geel).

4. Check de conditie van je accu

Misschien wel hét winterse probleem, want de Wegenwacht moet er vaak voor uitrukken: je auto wil niet starten. De accu zorgt in de winter voor de meeste problemen. De zelfontlading van de accu gaat namelijk sneller bij koude temperaturen. Laat de conditie van je accu daarom op tijd controleren.
Extra tip: maak in de winter niet alleen korte ritjes, want dan kan de dynamo de accu niet voldoende bijladen.

5. Controleer de motorolie

Zorg dat je auto de voorgeschreven motorolie heeft. Vraag dit na bij je garage. De juiste motorolie kan het verschil betekenen tussen een auto die bij vrieskou wél start, of juist niet.

6. Gebruik je handrem niet

Een handrem kan vastvriezen. Gebruik hem in de winter daarom liever niet. Laat de auto in P of in zijn eerste versnelling staan. Heeft je auto een elektronische handrem? Deze kun je wel gewoon gebruiken. Omdat zulke systemen niet met kabels maar op stroom werken, zou vorst geen problemen mogen opleveren.

7. Zet altijd je ruitenwissers uit

Een ander probleem dat veel voorkomt in de winter: vastgevroren ruitenwissers. Zorg daarom dat je in de winter altijd je ruitenwissers uitzet zodra je je auto parkeert. Doe je dat niet en gaan je ruitenwissers aan terwijl ze bevroren zijn, dan kunnen je wisserbladen beschadigen. In het ergste geval kan je ruitenwissermotor zelfs kapot gaan.

8. Maak je ramen op de juiste manier ijsvrij

Zo snel mogelijk je autoruit ontdooien? Gebruik een plastic ijskrabber of een flacon ruitontdooier. Gebruik geen warm water: hierdoor kunnen ruiten barsten.

Wil je het jezelf makkelijk maken? Koop een speciale beschermingsdeken voor de voorruit, zodat je minder hoeft te krabben. Gebruik geen kranten, die kunnen vastvriezen.

9. Wissel je banden

Wissel je zomerbanden voor winterbanden. Winterbanden blijven bij lagere temperaturen soepeler dan zomerbanden, waardoor je meer grip hebt. Daarnaast presteren ze veel beter bij sneeuw.

Maak op tijd een afspraak, zodat je niet hoeft te wachten wanneer de eerste sneeuw valt.

10. Zorg voor een setje winterhulpmiddelen

Een goede voorbereiding is het halve werk. Daarom is het aan te raden om de volgende winterhulpmiddelen in huis te halen:

  • Een ijskrabber, een flacon ruitenontdooier en eventueel een beschermingsdeken voor de voorruit
  • Slotontdooier (let op: buiten de auto bewaren)
  • Mocht je vast komen te zitten in de sneeuw, dan is het fijn als je een wegrijhulp bij de hand hebt
  • Denk ook aan dekentjes en vertrek nooit zonder jas, handschoenen en andere warme kleding. Mocht je stil komen te staan omdat de motor er mee ophoudt, dan werkt de verwarming namelijk ook niet.